Verhuizing naar Eelde (Groningen Airport)
De huiskamer in ons nieuwe huis is twee maal zo groot als de kamer van het vorige huis. De verhuizing van het orgel is voortreffelijk verzorgd door Orgelmakerij Noorlander. Het eerste wat mij bij het spelen opviel, was het effect van de grote ruimte op de weergave van de klanken. Deze zijn meer transparant en hebben geen groot volume nodig om toch krachtig te klinken.
Hauptwerk - klanken van een pijporgel

Klinkers en medeklinkers
De stereo-microfoon moet op zeer korte afstand van de pijpen staan. Daarmee wordt het accent waarmee de toon begint samen met de toon in de sample vastgelegd. Tonen zijn als klinkers die door medeklinkers betekenis krijgen en de organist moet ze goed kunnen horen. Er zijn niet meer dan twee kanalen met DRY samples nodig om het volledige orgel over te brengen naar de huiskamer.

De luide tonen in de kerk moeten op een lager volume in de huiskamer klinken. Daardoor verschuiven de verhoudingen tussen de hogere en lagere tonen en deze moeten door intonatie worden gecorrigeerd. Het intoneren is niet meer dan aanpassen en mag niet worden vergeleken met het intoneren van pijpen.

De akoestiek wordt met Impulse-Response techniek opgenomen en vastgelegd in het geheugen van het Hauptwerkorgel. Zo vormen klanken en akoestiek een exacte weergave van het orgel.

Jan Pieterszoon Sweelinck en de orgelklank

Vanaf het jaar 1000 hebben de orgelbouwers gezocht naar een pijpvorm met de mooiste klank. Van grote invloed waren de componisten die met deze klanken hun muzikaal gevoel wilden vertolken. De tonen van de pijpen moesten draagkracht hebben – sterke grondtoon – maar ook zingend – rijk aan boventonen – wat al twee tegengestelde eisen zijn.

De menselijke stem is een goede maatstaf, een vocale klank waarin de grondtoon matig aanwezig is en de boventonen een formant vormen. Formant is een moeilijk begrip om uit te leggen, maar het is te vergelijken met een zanger die een klinker zingt. Ook moet de klank lieflijk zijn; een gevoel dat niet in woorden is uit te drukken. In de tijd van de Renaissance en de Barok werden pijpen gemaakt die klanken met deze eisen in goede verhoudingen lieten horen. Componisten als Jan Pieterszoon Sweelinck, Dietrich Buxtehude en Johann Sebastian Bach werden er door geïnspireerd.

De pijptoon ontstaat door een botsing van de wind tegen het bovenlabium. De hevige reactie is hoorbaar als accent voorafgaand aan de klank. Een belangrijk deel van de toon, vergelijkbaar met een medeklinker die de klinker zeggingskracht geeft. Een toon moet articuleren en een organist moet dat zonder enige vertraging horen.

Voor Hauptwerk is het voor mij van grote waarde als er samples worden gemaakt van pijpen die goed articulerende klanken laten horen. De microfoons moeten dicht bij de pijpen worden geplaatst om de muzikale eigenschappen te kunnen vastleggen. Dat zijn dus DRY samples, want de nagalm komt pas na de toon tot stand. WET samples zijn niet bruikbaar, ze laten de werking van de akoestiek niet horen, maar geven slechts weer wat er op grote afstand klinkt.

Het orgel van Lüdingworth is gemaakt met pijpen die het beste voorbeeld zijn, dat een orgelmaker 400 jaar geleden de kunst van orgelmaken volledig beheerste. In latere eeuwen werden de pijpen wegens geldgebrek niet aangepast aan nieuwe stijlen. De kunst van het orgelmaken moest in de 20e eeuw opnieuw worden ontdekt en Lüdingworth bleek een perfect voorbeeld. De klanken van dit orgel worden door de samples voortreffelijk overgebracht naar de huiskamer.

  Deutsch
   English
Authentieke Renaissance-Barokklanken

Het orgel dat Antonius Wilde in 1598 bouwde, heeft de originele pijpen altijd behouden. Arp Schnitger voegde in 1682 een Rugwerk toe en intoneerde de pijpen naar de klanken van Wilde. De meer dan 400 jaar oude pijpen van het Oberwerk en het Borstpositiv zijn nog steeds in gebruik. Door de veroudering van het metaal krijgen de pijpen een bijzondere resonans met een grote klankschoonheid.

De DRY samples geven dit perfect weer. De tonen beginnen met een karakteristiek rond accent en laten dan de authentieke klanken uit de Renaissance-Baroktijd horen.

De 36 registers zijn verdeeld over drie klavieren en pedaal

                Zie:   Renaissance - Barokklanken

Toetsdruk en pijptoon moeten gelijktijdig zijn

Door de toets in te drukken komt een mechaniek in werking, dat het ventiel opent en de pijp laat klinken. Een mechaniek met tussenschakels is eenvoudig te maken, maar werkt met vertraging. Een directe verbinding tussen toets en ventiel is constructief moeilijker, maar heeft toch de voorkeur omdat de toon onmiddellijk op de toetsdruk reageert.

Om een instrument te kunnen bespelen moet een musicus de toon onmiddellijk horen, of het nu een viool, een fluit, of een piano is. Bij deze instrumenten kan het ook niet anders; ze zijn in de onmiddellijke nabijheid van de musicus. Bij een orgel is er meer afstand tussen toetsen via de ventielen naar de pijpen, maar ook hier moet de vertraging minimaal zijn. Een organist zou het liefst rechtstreeks op de ventielen willen spelen.

Amateurs die een voorkeur hebben voor een orgel met meerdere kanalen, zouden eens vaker in een kerk moeten spelen om het verschil te horen tussen een echt orgel met één bron van klanken en een kamer vol luidsprekers die allemaal klankbronnen vormen.

Latency
De samples worden in het Hauptwerkorgel met enige vertraging – de latency – weergegeven. Deze latency kan worden verkleind, mits met computerprestaties rekening wordt gehouden. Op mijn orgel heb ik de latency sterk verkleind en hoewel het om milliseconden gaat is het toucher veel aangenamer. Nu is iedere nuance van mijn manier van spelen direct hoorbaar in de snel wisselende tonen. Dit kan alleen met DRY samples; het heeft geen enkele zin om dit met de trage WET samples te doen.

start
hauptwerk
convolutie
intonatie
boekenhw
ludingworth
prytanee
martini
noordbroek
schnitger
bader
klapmeyer
casavant
holzhey
sample sets
orgels in mijn huis
contact
tafelpositief
boeken over orgebouw
betellen van boeken
metalen pijp maken
prestant
holpijp
mini-orgel
linked sites