Luister nooit met een koptelefoon     

Hoewel het beluisteren van een Hauptwerk orgel met een koptelefoon een redelijke weergave van de klanken geeft, is er een grote kans op gehoorschade. Dat is gebleken uit onderzoek van de Erasmus Universiteit van Rotterdam en de Universiteit van Leuven. Een groot volume dicht bij het oor waargenomen veroorzaakt een blijvende gehoorschade, maar een lager volume over een langere tijd beluisterd heeft hetzelfde effect. De samples bevatten de luide klanken van het orgel in de kerk, daarom zal het beluisteren met een koptelefoon altijd tot gehoorschade leiden. Voor een organist is zijn gehoor van levensbelang en is het onverstandig om een koptelefoon te gebruiken. De gehoorschade kan optreden in de vorm van het slechter waarnemen van bepaalde toongebieden, maar vaker nog treedt Tinnitus (oorsuizen) op. In alle gevallen is gehoorschade niet te genezen.

Er is een tweede reden om geen koptelefoon te gebuiken. Om klanken te kunnen beoordelen moet deze worden beluisterd in verhouding tot de omgeving. Vergelijk het met een schilder die niet genoeg heeft aan een licht op zijn onderwerp en een licht op het doek. De hele omgeving moet helder verlicht zijn om kleuren en lichtcontrasten te beoordelen.

Zo moeten de klanken van een Hauptwerkorgel in een zo groot mogelijke ruimte worden beoordeeld. Bij een koptelefoon ontbreekt de maatstaf van de ruimte. In het audiolab van Philips in Waalre heb ik de nodige experimenten kunnen ondernemen om deze stelling te bewijzen.

De samples van Organ Art Media worden door Helmut Maier op grote afstand van de pijpen opgenomen en met een koptelefoon beoordeeld. Hij raadt nadrukkelijk aan om ze ook met een koptelefoon op het Hauptwerkorgel te beluisteren. De lange galmstaarten heeft hij zo opgeslagen dat deze niet zijn in te korten. Zijn samples wijken sterk af van de oorspronkelijke klanken en zijn niet te verbeteren door ze te intoneren. Convolutiegalm uit IR techniek wil hij niet toepassen. De gesprekken die ik met hem heb gevoerd hebben niet tot een betere kwaliteit gevoerd, daarom heb ik zijn sample sets afgeschreven en niet op Hauptwerk 5 overgezet.

De samples van Piotr Grabowski worden eveneens te ver van de pijpen opgenomen en laten dus om dezelfde reden sterk te wensen over. Grabowski voelt zich boven elke kritiek verheven en overleg met hem is zinloos. Omdat de klanken te ver van de pijpen zijn opgenomen, zijn de karakters van de registers niet in de samples opgeslagen. De orgels die hij heeft gekozen hebben ook niet niet veel klankschoonheid te bieden. Ook Piotr Grabowski wil geen Convolutiegalm toepassen.

  Deutsch
   English
v
Impulse Response galm vervangt Surround

Hauptwerk 5 heeft echte akoestiek mogelijk gemaakt. In de kerk klinkt een krachtige Impulse van het hele toongebied. De reflecties worden als Response door microfoons naar een computer gestuurd, waar het in een geheugen wordt vastgelegd. Het is een volledige kopie van de kerkakoestiek en wordt in het Hauptwerkorgel opgeslagen. De tonen uit de samples ondergaan dan dezelfde effecten als de tonen uit de pijpen in de kerk, ze worden voller en krijgen glans. Dit heet de Convolutiegalm waarbij convolutie is te vertalen als verstrengeling. De organist aan het Hauptwerkorgel herkent het als de natuurlijke akoestiek die hij aan het orgel in de kerk waarneemt.

Wonderlijke ervaring
Het is een wonderlijk ervaring om de effecten van deze akoestiek in de huiskamer te ontdekken. De lengte van mijn kamer is beperkt tot acht meter, maar ik hoor de klanken op een veelvoud van die afstand. Als ik met een snelle muisbeweging een storing veroorzaak, klinkt dat alsof er achter in de kerk banken omvallen, harde klappen gevolgd door doffe echo’s. Wanneer ik een staccato speel met een fluitregister, dan bewegen ijle fluittoontjes zich door een oneindige ruimte. Een prestantenkoor klinkt breed en vult de hele ruimte. Door de convolutiegalm krijgt mijn huiskamer de afmetingen van een kathedraal.
Hauptwerk is gereedschap

Hauptwerk is bedacht door Martin Dyde in Birmingham. Hij is een technicus die weet wat een orgel is, maar geen idee heeft hoe een organist daarmee muziek maakt. Op grote afstand maakt Dyde opnamen van elke pijp van het orgel, zodat de samples meer galm dan tonen bevatten. In die vorm verkocht hij Hauptwerk aan Brett Milan in Amerika.

Een van de sample sets die Milan maakte, was van het Hinsz-orgel van de Bovenkerk van Kampen. De samples geven de bespeler het gevoel dat de speeltafel aan de ene kant van de kerk staat en het orgel is verhuisd naar de andere kant. Het is het meest beruchte voorbeeld van slechte weergave door WET samples. Melodielijnen zijn niet meer te volgen en polyfoon spel is onmogelijk. Een elektronisch orgel is nog te verkiezen boven deze afgrijselijke WET klanken.
Hauptwerk is gereedschap - muzikale waarde krijgt het door creatief gebruik

Slechts een enkele sample maker begreep, dat je de microfoons zeer dicht bij de pijpen moet plaatsen, om de karakteristieke eigenschappen van de pijptonen in de samples op te slaan. Het zijn dan Dry samples zonder nagalm. De klanken uit de WET samples zijn niet bruikbaar, maar de galm evenmin. Mijn eerste Hauptwerkorgel bespeelde ik met een Eminent, een elektronisch orgel waarvan ik de MIDI techniek gebruikte. Het orgel had een Lexicon MX300 voor de nagalm en die gaf de DRY samples een heel wat betere nagalm dan de WET samples. Mijn tweede Hauptwerkorgel voorzag ik ook van een Lexicon. Die is nu niet meer nodig, Hauptwerk 5 heeft de prachtige convolutiegalm.

start
hauptwerk
convolutie
intonatie
boekenhw
samplesets
orgels in mijn huis
martini
schnitger
bader
anloo
klapmeyer
casavant
holzhey
serassi
hinsz
contact met John Boersma
tafelpositief
boeken over orgebouw
betellen van boeken
metalen pijp maken
prestant
holpijp
mini
linkedsites
Klank en akoestiek van Hauptwerk 5

De samples van Hauptwerk zijn opnamen van de pijpen die stuk voor stuk op korte afstand worden opgenomen. De korte afstand is essentieel om het directe aanspreken van de toon en de opbouw naar het volledige karakter, zonder de reflecties van de akoestiek op te slaan. Het zijn DRY samples die alles bevatten wat een organist waarneemt, wanneer hij het orgel in de kerk bespeelt.

Door een toets op het orgel in te drukken gaat het ventiel open en stroomt de wind via de kernspleet de pijp in en botst tegen het bovenlabium. Er ontstaat een heftige beweging in de windstroom die het begin van de toon een accent verleent. De organist zit dicht bij het orgel en hoort de toon onmiddellijk, wat noodzakelijk is om te kunnen musiceren. Het drukken van de toetsen moet samenvallen met het horen van de snel op elkaar volgende tonen. Het spel van ritme en frasering, ontstaan onder de vingers van de organist in de kerk en dezelfde onmiddellijke aanspraak en toonopbouw moet ook in de huiskamer bij het Hauptwerkorgel plaatsvinden.

Akoestiek
Door de reflecties in de akoestiek wordt de omgevende lucht in resonantie gebracht, de tonen worden voller en krijgen meer glans. Hauptwerk 4 bracht de nagalm met WET samples naar de huiskamer. WET samples zijn opnamen die op grote afstand van het orgel worden gemaakt. Wat de sample bevat is niet van grote waarde, de pijptoon is op die afstand te vaag en de akoestiek heeft niet het effect dat de ontwikkeling tot volle toon laat horen.

Surround
Door meer WET opnamen te maken die door luidsprekers tot achter in de kamer als surround werden weergegeven, werd getracht een kamerbrede akoestiek te suggereren. Het bleef bij een suggestie, want van elke luidspreker is te horen uit welke richting het geluid komt. Terwijl de akoestiek juist de eigenschap heeft overal aanwezig te zijn, zonder een aanwijsbare richting.